opvoed en gezins stress

Machteloze, radeloze ouders

Nieuwe inzichten wijzen uit dat stress in het gezin of bij de opvoeding vaak te maken heeft met onverwerkte trauma’s van (één van) de ouders. Wil je opvoed- en gezinsstress stoppen? Begin bij jezelf!

Jarenlang werkte ik  in de jeugdzorg samen met gezinnen. Ik ontmoette ouders die zich machteloos voelden en radeloos waren.  “Wat ik ook doe, het helpt niet Suzanne… Hij/zij vertoont zulk lastig gedrag… Kun jij hem/haar niet gewoon veranderen?”.  Het gezin was  met elkaar in een negatieve spiraal  terechtgekomen. Er was een gebrek aan vertrouwen in elkaar en soms ook sprake van onveiligheid. Vervolgens had ik één op één gesprekken met het kind of de jongere, gesprekken met alleen de ouders, systeemgesprekken met het hele gezin en overleggen met het (professionele) netwerk van het gezin. Heel intensief voor de betrokkenen, met hoopvolle verwachtingen voor de toekomst, en toch…  ging het vaak weer mis. Herhaalden de (onbewuste) negatieve patronen zich weer, zakte de motivatie daarmee weer weg en draaide het  soms helaas alsnog op een uithuisplaatsing van de kinderen uit…. Ik kan je zeggen dat mijn werk als hulpverlener er daarmee ook niet leuker op werd. Vooruitgang boeken samen met het gezin, zodat zij dit zelf op eigen kracht kunnen vasthouden en verder uit kunnen bouwen. Dat is wat ik wilde, het gezin van harte gunde.

Gedragsproblemen van kinderen houden vaak verband met onverwerkte jeugdtrauma’s van de ouders

Als hulpverleners onder elkaar zeiden we vaak: “het is ook niet zo gek dat het weer mis gaat, kijk naar de jeugd van de ouders zelf…” Toen leek dat zo’n statische constatering: “ja dat is nu eenmaal zo”. En ja “dat verklaart het”. Vandaag de dag weten we steeds meer dat daar nou juist de sleutel ligt tot verandering voor het hele gezin. Voortschrijdend inzicht leerde dat gedragsproblemen van kinderen vaak verband houden met onverwerkte jeugdtrauma’s van de ouders.

Ernstige jeugdtrauma’s en stress in de vroege kindertijd van ouders vergroot de kans op gedragsproblemen bij hun eigen kinderen. De typen trauma omvatten scheiding van ouders, overlijden/vervreemding van een ouder, emotioneel, fysiek of seksueel misbruik, getuige zijn van huiselijk geweld, blootstelling aan alcoholmisbruik en ouderlijke psychische aandoeningen.

Dat blijkt uit onderzoek aan de University of California dat is gepubliceerd in het tijdschrift Pediatrics (juli 2018). Het onderzoek toont aan dat de kinderen van ouders die zelf vier of meer jeugdtrauma’s hebben meegemaakt een dubbele kans hebben op een hyperactiviteitsstoornis met aandachtstekortstoornissen. Ook hebben deze kinderen vier keer meer kans op psychische problemen. Verder hebben negatieve ervaringen uit de kindertijd van een moeder een sterker negatief effect op het gedrag en de gezondheid van een kind dan de ervaringen van een vader. “Uit eerder onderzoek is al gebleken dat een trauma in de kindertijd een risicofactor kan zijn voor latere lichamelijke en mentale gezondheidsproblemen. Dit is echter het eerste onderzoek dat aantoont dat tegenspoed op jonge leeftijd zich van generatie op generatie kan uitstrekken”, aldus hoofdauteur van de studie, Dr. Adam Schickedanz. (vertaling: Ouders Centraal)

Bliksemafleider

Ik heb vaak ervaren dat de kinderen de bliksemafleiders zijn van wat er echt aan de hand is. Kinderen vertonen met hun ‘lastige’ of ‘afwijkende’ gedrag’ de symptomen van de stress, angsten en trauma’s van hun ouders. Ik wil niet beweren dat dit áltijd zo is, maar in de praktijk lijkt het vaker wél dan niét het geval te zijn. Het is goed als hulpverleners zich hiervan bewust zijn. Onverwerkt trauma uit onze jeugd, nemen we mee naar onze volwassenheid en ouderschap. Trauma’s spelen ook juist weer vaker op door het ouderschap, omdat onze kinderen ons (onbewust) triggeren op ons oud zeer (gebeurtenissen, gedachten, gevoelens).

Vaak genoeg heb ik angstige moeders, met zelf een belast verleden ontmoet, die hun angsten (onbewust) projecteerden op hun kinderen. Met hun angstige overtuigingen over de wereld en hun voorzichtige gedrag, belemmerden ze hun kinderen in hun behoefte zelf te exploreren en de wereld te ontdekken. Deze kinderen werden dan aangemeld bij de GGZ omdat ze zelf angsten hadden of niet meer naar school gingen. Het wrange in zo’n situatie is dat deze moeders het zo goed bedoelen en hun kinderen willen behoeden voor gevaar. Iets wat moeders wat mij betreft horen te doen. Alleen dient dit (vluchtende/vermijdende) overlevingsgedrag van de moeder het kind niet. Laat de moeder haar angsten los? Dan heeft dit absoluut een positief effect op (de klachten van) het kind. En zo zijn er meer voorbeelden te noemen. De ouders die zelf als kind tekort zijn gekomen en hun kinderen maar moeilijk ‘nee’ kunnen verkopen of kunnen begrenzen. Ook de ouders die in hun jeugd geleerd hebben dat je problemen oplost met schreeuwen of geweld. Hun overlevingsstrategie ‘vechten’, maakt hun kinderen vaak bang, boos of verdrietig, met alle gevolgen van dien. Maar ook de moeder die ik behandelde in mijn praktijk die in dagelijkse situaties met haar zoontje stress ervoer en geïrriteerd naar hem reageerde. Het werd een strijd. Toen ze haar eigen stress had losgelaten, merkte ze dat de dynamiek met haar zoontje veranderd was en hij haar niet zo snel meer triggerde met zijn gedrag. De irritatie die ze had als hij zich weer eens niet aan wilde kleden, was weg en ze reageerde dus ook rustiger op hem. Ze merkte dat hij ook rustiger op haar reageerde en zelfs beter naar haar luisterde.

Opvoed- en gezinsstress stoppen? Begin bij jezelf!

De ouders zijn dus hard nodig om het problematische gedrag van hun kind positief te beïnvloeden. De eerste stap wat mij betreft: help ouders hun eigen stress, angsten en onverwerkt trauma of oud zeer op te lossen. Niet ‘ergens een plekje geven’ maar ‘écht loslaten’. Laten we daarna kijken wat er overblijft en de vraag stellen of het echt noodzakelijk is dat de kinderen zelf belast worden met behandeling.

Meer informatie over onze hulp bij opvoed- en gezinsstress vind je hier.

Geef een reactie